Bedrijfskunde
Klap de laptop dicht
Gemeenschapszin
Duurzaamheid is veel meer dan papieren bekertjes.
Ik voelde me vaak een buitenstaander die de taal van de toekomst sprak in een klaslokaal dat nog vasthield aan het verleden.
De confrontatie die alles in beweging zette, was mijn vertrek van de vertrouwde, gestructureerde gangen van Windesheim naar de warme, informele community van Curaçao.
Ik stapte letterlijk uit de koelte van de theorie in de hitte van de praktijk.
Ik ging daarheen om ondernemers voor te bereiden op de complexe Europese duurzaamheidsregels (CSRD), maar ik ontdekte al snel dat mijn Nederlandse manier van doen, strakke planningen, snelle e-mails en een focus op ‘vinkjes’, daar simpelweg niet landde.
Mijn inbox bleef leeg, maar mijn perspectief begon te groeien toen ik mijn laptop dichtklapte en het gesprek aanging.
Ik schrijf dit verhaal omdat ik heb geleerd dat je niet hoeft te wachten tot je bent afgestudeerd om een changemaker te zijn.
Als trotse drager van het Green Ambassador-lintje op Windesheim heb ik gezien hoe krachtig het is om een brug te slaan tussen koude wetgeving en de menselijke maat.
Ik ben niet alleen een student; ik ben de vertaler geworden tussen de bureaucratie uit Brussel en de veerkrachtige mindset van een eiland-economie.
Dit is het verhaal van hoe ik mijn eigen rol vond: niet op de voorgrond, maar als de verbindende factor die anderen helpt groeien.
Het probleem waar ik mijn vinger op leg, is een groeiende duurzaamheidsbewustwordings- en betekeniskloof die de economische toekomst van Curaçao bedreigt. Terwijl Europa duurzaamheid vangt in complexe regelgeving zoals de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD), ontbreekt op het eiland de vertaalslag naar de lokale realiteit, waardoor ondernemers onbedoeld buitenspel dreigen te komen te staan. Het is een kloof tussen de bureaucratische ‘vinklijstjes’ uit Brussel en de veerkrachtige ‘doen’-cultuur van de Caribbean. Op het eiland zullen die wetten en regelgevingen juist het tegenovergestelde doen.
Op Curaçao wordt de CSRD vaak gezien als een ‘administratief monster’.
Maar de impact is allesbehalve abstract; het raakt de kern van de lokale economie: het MKB. Deze lokale ondernemers vormen de vitale haarvaten van de waardeketen voor grote Europese partners, zoals de gigantische cruise-ondernemingen die wekelijks aanmeren en internationale airlines die het eiland ontsluiten. Deze grote spelers zijn door Europese wetgeving nu verplicht om hun volledige keten door te lichten op duurzaamheid, niet alleen hun eigen impact, maar veel breder dan dat. Voor een lokale tour-operator, een transportbedrijf of een horeca-toeleverancier op Curaçao betekent dit dat zij opeens complexe data moeten aanleveren over hun impact. Kunnen zij dit niet? Dan riskeren zij simpelweg hun plek aan de wereldwijde economische tafel.
De urgentie wordt onderstreept door recente feiten. Eind februari 2025 heeft de Europese Commissie de drempels voor CSRD-plichtige bedrijven aangepast, waardoor de scope van bedrijven die direct moeten rapporteren met naar verwachting 80% is gekrompen.
Dit lijkt goed nieuws, maar voor het MKB op Curaçao vergroot dit juist de verwarring. Veel bedrijven dachten dat de storm over zou waaien, terwijl de grote internationale partners in hun waardeketen júíst nu om transparantie vragen om zelf aan hun rapportageplicht te voldoen.
De roep om data stopt niet, maar de kennis over hoe die data te leveren op een behapbare manier, ontbreekt. Het is onduidelijk geworden, wazig, niet voorspelbaar, voor veel van deze kleine ondernemingen.
Wat ik zie, en wat veel beleidsmakers over het hoofd zien, is dat de westerse manier van rapporteren simpelweg niet past op de realiteit van het eiland. Het is, zoals ik het vaak omschrijf, als een vis die je vraagt om te zwemmen in de woestijn.
Waar wij in Nederland gewend zijn aan eindeloos overleg en dikke beleidsstukken, bloeit op Curaçao de persoonlijke verbinding en een informele aanpak. Er gaapt een gat tussen de ‘koude’ regels uit Brussel en de ‘warme’ eiland-economie.
Dit probleem kan niet wachten. De wereldwijde waardeketen sluit zich voor bedrijven die onzichtbaar blijven in hun duurzaamheidsimpact.
Als we nu geen brug slaan tussen deze twee werelden, wordt duurzaamheid geen kans voor groei, maar een instrument voor uitsluiting. We hebben een vertaler nodig die de bureaucratie van de CSRD omzet naar de menselijke maat van de VSME (Vrijwillige Standaard voor Duurzaamheidsverslaggeving), zodat lokale koplopers niet alleen compliant zijn, maar hun intrinsieke motivatie kunnen omzetten in een toekomstbestendig concurrentievoordeel, zoals bij hun past. Niet zoals verplicht door de westerse kant van de wereld.
Mijn morele kompas in dit vraagstuk wordt gevormd door een diepgevoeld holistisch wereldbeeld: de overtuiging dat alles met elkaar verbonden is en dat we een collectieve verantwoordelijkheid hebben om de wereld te verbeteren. Ook al lijkt de impact zo klein, elke stap die doet er toe voor het grote geheel. Voor mij is duurzaamheid geen losstaand project of een verplicht vak bij Bedrijfskunde; het is de optelsom van hoe wij als mensen, milieu en economie met elkaar omgaan. De aarde is ons thuis.
Dit perspectief is sterk gevormd door de Synthesizer Clock van Anton LaVey. Hoewel dit een onconventionele bron is, leerde het mij dat mijn kracht op ‘5 uur’ ligt: precies op de grens tussen het intellectuele (analytisch, rationeel) en het emotionele (intuïtief, verzorgend) kwadrant. Deze balans stelt mij in staat om de ‘koude’ data van de Europese Unie te begrijpen, maar tegelijkertijd de ‘warme’ menselijke impact op een eiland als Curaçao te voelen. Om altijd zowel de schaduw kant als het licht mee te nemen.
Ik geloof dat leiderschap niet gaat over macht of het dwingen van mensen in een keurslijf van regels, maar over verbinding. Alles begint bij verbinding. Helemaal in een wereld zoals nu, waar voor mij die verbindingen steeds lastiger lijken te vormen.
Zoals LaVey beschrijft, gaat het om het inzetten van je eigen unieke energie om processen in beweging te zetten zonder je authenticiteit te verliezen. Want je authenticiteit? Dat is je kracht.
Daarnaast is het boek Atomic Habits van James Clear voor mij een leidraad. Clear (2018) stelt dat echte verandering niet voortkomt uit het simpelweg stellen van doelen, maar uit het veranderen van je identiteit: je moet de persoon worden die die doelen vanzelf bereikt. Voor mij betekent dit dat ik niet alleen acties uitvoer voor ons Green Ambassador Netwerk, maar dat ik de professional ben die consistent kleine, betekenisvolle stappen zet naar een rechtvaardige wereld. En begrijp me niet verkeerd, ik ben verre van perfect. Ook ik koop wel eens kleding in een fast-fashion winkel, ook ik ga dit jaar met het vliegtuig op vakantie. Maar de kracht van bewust in het leven staan moet niet onderschat worden. Want die kleine dingen kunnen zelfs meer impact maken dan 1 heel groot ding.
Ik neem het tegengeluid serieus dat de CSRD een ‘administratief monster’ is dat ondernemers verstikt in bureaucratie.
Ik begrijp de frustratie van een lokale ondernemer op Curaçao die denkt: “Waarom moet ik voldoen aan regels uit Brussel terwijl ik probeer te overleven?”. Dit argument is legitiem als je duurzaamheid ziet als een invuloefening. Maar mijn filosofie is dat deze regels, mits goed vertaald, een instrument zijn voor veerkracht. Als we de verbinding met de wereldwijde waardeketen verliezen door onzichtbaar te blijven in onze impact, schaden we de gemeenschap op de lange termijn.
Het gaat erom dat we de bureaucratie niet leidend laten zijn, maar de menselijke maat en de wil om het eiland te beschermen voor de toekomst. Om onze aarde te beschermen.
Mijn engagement is geen abstracte theorie; het is een actieve zoektocht naar hoe ik, als derdejaars student Bedrijfskunde, nú al het verschil kan maken. Op Windesheim leer ik over veranderstrategieën en procesmanagement, maar de echte lessen leerde ik pas toen ik mijn comfortabele studentenleven inruilde voor de rauwe, warme werkelijkheid van Curaçao.
Een eerste concreet voorbeeld van mijn handelen is de ontwikkeling van de VSME-gids en checklist. Toen eind februari 2025 de Europese drempels voor de CSRD werden aangepast en de scope van verplichte bedrijven met 80% kromp, ontstond er enorme verwarring bij ondernemers. Ik heb deze bureaucratische chaos niet simpelweg bestudeerd, maar ben direct in actie gekomen door een praktische gids te schrijven die de complexe wetgeving vertaalt naar het niveau van het MKB. Deze checklist (inmiddels versie 1.4) wordt nu daadwerkelijk door mijn toen stagebedrijf GreenPurpose ingezet bij hun klanten om hen voor te bereiden op data-opvragingen uit de waardeketen.
Een tweede voorbeeld zijn de tien diepgaande interviews die ik voerde met lokale koplopers op het eiland. Hier kwam ik mijn eigen beperkingen keihard tegen. In het begin vertrouwde ik op mijn ‘Nederlandse efficiëntie’: strakke planningen en zakelijke e-mails. Het effect? Mijn inbox bleef leeg en de verbinding bleef uit. Ik leerde dat ik mijn laptop letterlijk dicht moest klappen om de menselijke maat te vinden. Door face-to-face het gesprek aan te gaan en over te stappen op persoonlijke WhatsApp-spraakberichten bijvoorbeeld, veranderde ik van een externe ‘betweter’ in een gewaardeerde kennispartner.
Ik heb geleerd dat verandering niet ontstaat door mensen regels op te leggen, maar door aan te sluiten bij hun intrinsieke motivatie.
Toch is mijn verhaal geen vlekkeloos succesverhaal. En als ik heel eerlijk ben, worstel ik ook met de paradoxen van duurzaamheid. Ik draag met trots mijn Green Ambassador-lintje, maar ik stapte ook in het vliegtuig naar Curaçao omdat ik de wereld met eigen ogen wil meemaken en niet alleen van TV wil kennen. Ik praat vol passie over eerlijke waardeketens, maar ik koop soms nog steeds kleding in de stad zonder dat ik precies weet onder welke omstandigheden die gemaakt zijn – de wereld is verre van perfect, en ik ben het ook niet.
Wat ik heb geleerd van het doen, is dat impact maken niet betekent dat je perfect moet zijn. Het betekent dat je bereid moet zijn om je eigen fouten onder ogen te zien, zoals het feit dat ik door enthousiasme vaak te snel praat tijdens presentaties, en dat je je stijl continu moet aanpassen aan de context. Ik ben niet langer een toeschouwer; ik ben een actieve bruggenbouwer geworden tussen de koude regels van Brussel en de warme, weerbarstige realiteit van ondernemerschap.
Mijn reis stopt niet bij de kustlijn van Curaçao, want mijn Green Ambassador-lintje is voor mij geen eindstation maar een kompas voor de toekomst. Mijn volgende concrete stap is mijn afstudeerstage bij de Makersfabriek in Zwolle, een omgeving die perfect aansluit bij mijn missie. Hier ga ik werken aan een project om de vakmensen van de toekomst op te leiden, waarbij de focus volledig ligt op de menselijke maat, duurzaamheid en het bouwen van een community.
In deze nieuwe omgeving wil ik mijn ervaring met de Curaçaose ‘doen’-houding inzetten om complexe maatschappelijke vraagstukken voor vakmensen tastbaar en behapbaar te maken. Na mijn tijd op Windesheim zie ik mijn rol als veranderprofessional als die van een verbindende leider die niet alleen stuurt op harde resultaten, maar ook op balans, zelfzorg en de kracht van de groep.
Over vijf jaar wil ik concreet kunnen aanwijzen waar ik een brug heb geslagen tussen de ‘koude’ internationale regelgeving en de ‘warme’ realiteit van lokale werkgemeenschappen.
Ik streef naar een beroepspraktijk waarin duurzaamheid niet langer wordt gezien als een bureaucratische last of een administratief monster, maar als een vanzelfsprekende mindset van veerkracht. Door vast te houden aan mijn positie op ‘5 uur’ op de klok, combineer ik analytische scherpte met intuïtieve empathie om processen van binnenuit in beweging te zetten. Ik kies ervoor om niet alleen duurzame doelen na te jagen, maar om de professional te worden die door kleine, consistente acties dagelijks bijdraagt aan een rechtvaardige wereld.
Mijn voornemen is om de belangrijkste les van het eiland altijd bij me te dragen: klap de laptop vaker dicht en open de dialoog. Echte verandering is immers als het planten van een zaadje; het vraagt om geduld, aandacht en de juiste verbinding om tot volle bloei te komen. Ik ben klaar om die verbindende factor te zijn en de taal van de toekomst te blijven spreken.